Glossarium¶
Korte uitleg van de vaktermen die je in de configurator en in dit handboek tegenkomt. Alfabetisch gesorteerd.
Begrippen¶
| Begrip | Uitleg |
|---|---|
| Onderdeel-schaal | Schaalbereik tot 1:99 waarin het huis in losse printdelen met insteekverbinders wordt opgedeeld — de tegenhanger van de monoliet. |
| Bomb Blast | Shuttlevormig aftreklichaam dat als extra een gekarteld gat in het gebouw snijdt. |
| Borstwering | Bij het raam de hoogte van de bovenkant vloer tot de onderkant raam; bij balkon en terras de omlopende balustrade. |
| Nok | De bovenste, horizontale rand van een hellend dak, waar twee dakvlakken samenkomen. |
| Dakkapel | Opbouw met raam op een hellend dakvlak — in PrintHaus als lessenaarsdak-, zadeldak- of schilddakkapel (zie Openingen). |
| Topgevel | Het verticale, meestal driehoekige wandvlak onder een hellend dak aan de smalle zijde. |
| Hoekkeper | De hellende buitenrand waar twee dakvlakken van een schilddak naar buiten samenlopen. |
| Kilkeper | De inspringende rand waar aan een binnenhoek twee dakvlakken samenlopen. |
| Kniewand | Lage wandsectie tussen het plafond van de bovenste verdieping en de dakvoet. |
| Dagkant | De binnenste zijvlakken van een wandopening (raam, deur). |
| Monoliet | Vanaf 1:100: elke verdieping en het dak worden als één massief lichaam geëxporteerd, ramen en deuren alleen als uitsparing (zie Schaal). |
| Gevelrand | De hellende dakrand aan de topgevel, dwars op de dakvoet. |
| Reliëf | De verhoogde oppervlaktestructuur van een textuur; ontstaat alleen in de printexport, „Geen" = glad. |
| Plint | Het onderste deel van een wand op de overgang naar de bodemplaat of verdiepingsvloer. |
| Insteekverbinder (veer/groef) | Verbindingsstuk dat apart geprinte onderdelen via een veer-groef- of zwaluwstaartvorm bijeenhoudt (zie Verbinders). |
| Latei | De bovenste, horizontale rand van een wandopening. |
| Dakvoet | De onderste, horizontale dakrand; tegelijk het draaipunt waarrond de dakhelling kantelt. |
| Schild | Een extra hellend dakvlak aan de smalle zijde in plaats van een verticale topgevel. |