Openingen¶
Stap 5 zet ramen, deuren en andere openingen in het gebouw. Je kiest bovenaan de verdieping (of de dak-tab), daaronder het type, en plaatst ze met een klik aan een muur of dakvlak. Alle maten stel je rechts in het parameterpaneel in; ze werken live op de zojuist geselecteerde opening.
Verdieping-tabs en dak-tab¶
Bovenaan staan tabs voor elke verdieping (BG, Verd. 1, Verd. 2 …) en daarnaast een tab Dak. Het typepalet hangt af van de tab:
| Tab | beschikbare typen |
|---|---|
| Verdieping (BG/Verd.) | Raam · Hoekbeglazing · Deur / Poort · Garagedeur · Doorbraak |
| Dak | Dakraam · Lessenaarsdak-dakkapel · Zadeldak-dakkapel · Schilddak-dakkapel |
Dak-tab vergrendeld
Bij de dakvorm „Zonder dak" is de dak-tab niet beschikbaar. Bij een plat dak zijn daar alleen dakramen — dakkapellen hebben een hellend vlak nodig.
Instellingen worden onthouden
Bij het plaatsen van een nieuwe opening neemt PrintHaus per type (raam / deur / poort) de maten en roeden van de laatst bewerkte opening over — ook over een verdiepingswissel heen.
Openingen in een aanbouwmuur¶
Heeft je gebouw aanbouwen, kies dan de begane grond en het type opening. De muur waarop je klikt bepaalt of de opening bij het hoofdgebouw of een aanbouw hoort. Je hoeft het gebouwdeel niet apart te selecteren.
Bij het plaatsen op een geschikte aanbouwmuur toont de app de aanbouw en de muur; deze informatie verschijnt ook bij het bewerken.
- Afzonderlijk plaatsen: Kies het type en de afmetingen en klik op de gewenste aanbouwmuur.
- Meerdere ramen gelijkmatig verdelen: Schakel naar meerdere, geef het aantal op, klik op „Gevel kiezen“ en vervolgens op de aanbouwmuur.
- Hoogte: borstwering + hoogte moeten onder de bovenkant van de muur op die plek blijven — een aanbouw heeft geen vloer om aan te hangen. Dat is niet overal de dakvoethoogte: aan de geveltopzijde loopt de muur door naar de nok en laat meer toe, aan de dakvoetzijde drukt de onderkant van het dak hem iets lager. Past de ingestelde hoogte niet, dan wordt hij automatisch verkleind.
- Afstand tot de hoeken: tot elk muureinde blijft minstens 0,15 m vrij, plus de ruimte voor het hoekwandband.
Raam in de scheidingswand
In de gemeenschappelijke muur met de buur mag een raam zitten — maar pas boven diens dak. De app wijst daarop: „Tussenwand: de borstwering telt hier vanaf de bovenkant van het dak van het aangrenzende deel en begint bij 0,10 m." Daaronder zou de muur feitelijk een binnenmuur zijn.
De borstwering wordt dus vanaf het buurdak gemeten, niet vanaf de vloer: staat het buurdak daar op 4,71 m, dan zit een raam met borstwering 0,15 in werkelijkheid op 4,86 m. Dat gebeurt vanzelf — je hoeft er niets bij op te tellen.
Als de export een opening weigert¶
Twee weigeringen gelden alleen voor openingen in aanbouwen. Beide noemen de aanbouw, het muurnummer en de getallen uit jouw model, zodat je ziet hoeveel het scheelt:
„Aanbouw 1, muur 2: het raam staat boven het buurdak (bovenkant 4,71 m) en steekt 0,91 m boven de bovenkant van de muur uit (7,00 m). Hier is hoogstens 1,59 m borstwering mogelijk (ingesteld: 2,50 m)."
: Het raam staat wel correct boven het buurdak, maar samen met borstwering en hoogte is het te hoog voor de muur. De melding noemt de grootste waarde die hier nog past.
„Aanbouw 1, muur 2: de opening treft daar geen muur. In de scheidingsmuur is onder het buurgebouw geen raam mogelijk (daar is het feitelijk een binnenmuur) — hoger zetten, of een deur/doorgang aan het hoofdgebouw maken."
: Op die plek staat de buur ervoor; de muur is daar van hem. Zet het raam boven zijn dak, of maak er een deur of doorgang van — die horen toch bij het hoofdgebouw en worden daar aangemaakt.
Raam¶
Zet je alleen in een buitenmuur. Maten en borstwering in het 5-cm-raster.
| Waarde | Bereik |
|---|---|
| Breedte | 0,5–10,0 m |
| Hoogte | 0,5–8,0 m |
| Borstwering | vanaf 0 m (5-cm-raster) |
| Roeden verticaal | 0–15 |
| Roeden horizontaal | 0–15 |
- Vensterbank (schakelaar): optionele bank onderaan het raam — alleen aan buitenmuren.
- Hoogte tot dak (schakelaar): onder een hellend dak volgt de latei de dakschuinte (20 cm eronder); de hoogte bepaalt dan het dak, het hoogteveld blijft zichtbaar, maar is uitgeschakeld.
Lateiafstand
De bovenkant van elke opening moet minstens 20 cm onder de dakvoethoogte of onder de onderkant van de verdiepingsvloer liggen. Is een verdieping daarvoor te laag, dan meldt PrintHaus dat en begrenst de hoogte automatisch.
Afstand tussen twee openingen — horizontaal en verticaal
Twee openingen in dezelfde wand houden 0,15 m afstand. Dat wordt nu op beide assen gerekend: ze zitten elkaar alleen in de weg als ze zowel langs de wand als in hoogte dichter bij elkaar komen. Een hoog geveltopvenster mag daarom precies boven een deur staan, zolang er tussen deurlatei en vensterbank 0,15 m overblijft. Hoek- en binnenhoekbeglazing valt buiten deze berekening — daarvoor geldt nog steeds alleen de afstand langs de wand.
Meerdere ramen verdelen¶
Boven het tekenvlak staan twee schakelaars. Ze zijn te combineren.
enkel · meerdere — horizontaal. Jij geeft het aantal op, PrintHaus rekent de afstand uit: de ramen verdelen zich gelijkmatig over de gevel, ook naar de hoeken toe. Plaatsen doe je met “Gevel kiezen” en één klik op de wand.
enkel · boven elkaar — verticaal. Hier geef je zelf aantal en vrije tussenruimte op. Het onderste raam staat op de borstwering; elk volgende ligt er een raamhoogte plus tussenruimte boven.
| Waarde | Bereik |
|---|---|
| Aantal boven elkaar | 2 tot zoveel als in de bouwlaag passen |
| Vrije tussenruimte | vanaf 0,15 m |
Beide schakelaars samen geven een raster: meerdere naast elkaar, elk daarvan herhaald naar boven.
Alleen wat past wordt aangeboden
Een rij blijft in zijn bouwlaag en loopt nooit door de vloer. PrintHaus rekent vooraf uit hoeveel ramen tussen borstwering en vloer passen — bovenaan blijft 20 cm vrij, zoals bij elke opening — en biedt er niet meer aan. Voorbeeld: 5,00 m wandhoogte, raam van 1,85 m, borstwering 1,00 m geeft precies één raam; een tweede zou 5,05 m vergen.
Rijen bestaan voor ramen en doorbraken, in wanden van het hoofdgebouw net zo goed als in aanbouwwanden.
Boogvormen¶
Ramen en deuren zijn niet vastgelegd op een rechthoekige afsluiting. Naast Normaal staan er drie boogvormen ter keuze:
| Vorm | Afsluiting |
|---|---|
| Rondboog | halve cirkel over de volle breedte |
| Segmentboog | vlak cirkelsegment |
| Gotisch | spitsboog uit twee cirkelbogen |
De vorm geldt per opening; roeden en kozijnmaten nemen daarbij de maten van de rechte uitvoering over. Ook doorbraken dragen dezelfde boogvormen.
Hoekbeglazing (hoek- en binnenhoekraam)¶
Een doorlopend raam over een gebouwhoek. Aan een convexe buitenhoek ontstaat een hoekraam; bij L-, T- en U-plattegrond kun je aan een concave binnenhoek een binnenhoekraam plaatsen. Klik op „Hoekbeglazing plaatsen" en daarna op de hoek in het plan.
| Waarde | Bereik |
|---|---|
| Lengte A | 0,5–10,0 m (vanaf de binnenhoek) |
| Lengte B | 0,5–10,0 m (vanaf de binnenhoek) |
| Hoogte | 0,5–10,0 m |
| Borstwering | 5-cm-raster |
| Roeden verticaal — Zijde A / Zijde B | elk 0–15 |
| Roeden horizontaal | 0–15 |
Eén beglazing per hoek
Elke hoek draagt hoogstens één hoek- of binnenhoekbeglazing. Een tweede op dezelfde hoek wordt geweigerd.
Deur / Poort¶
Een deur zet je aan een buiten- of binnenmuur — welke muur je aanklikt, bepaalt of het een buiten- of binnendeur wordt. Via Uitvoering kies je enkelvleugelig of dubbelvleugelig (vanaf 1,20 m breedte). Maten in het 5-cm-raster.
| Deur | Breedte | Hoogte |
|---|---|---|
| Buitendeur, enkelvleugelig | 0,70–3,0 m | 1,3–6,0 m |
| Buitendeur, dubbelvleugelig | 1,2–10,0 m | 1,3–8,0 m |
| Binnendeur, enkelvleugelig | 0,5–2,5 m | 1,3–5,0 m |
| Binnendeur, dubbelvleugelig | 1,2–5,0 m | 1,3–5,0 m |
- Verhoogde drempel (schakelaar, alleen buitendeur): zet de deur op sokkel- of laadperronhoogte. Drempelhoogte 0–3 m in het 5-cm-raster.
Garagedeur¶
Een eigen poort, alleen aan buitenmuren en alleen op de begane grond. Maten in het 5-cm-raster, geen subtypen.
| Waarde | Bereik |
|---|---|
| Breedte | 2,0–6,0 m |
| Hoogte | 1,5–5,0 m |
Doorbraak¶
Een pure opening zonder kozijn of vulling, aan buiten- en binnenmuren. Maten in het 5-cm-raster.
| Waarde | Bereik |
|---|---|
| Breedte | 0,5–15,0 m |
| Hoogte | 0,5–10,0 m |
Dakraam¶
In de dak-tab: op „plaatsen" klikken en vrij op een hellend dakvlak zetten — helling en richting neemt het raam automatisch over van het dakvlak. Maten in het 5-cm-raster.
| Waarde | Bereik |
|---|---|
| Breedte | 0,8–10,0 m |
| Hoogte | 1,0–10,0 m |
| Roeden verticaal | 0–15 |
| Roeden horizontaal | 0–15 |
Minimale afstand
Een dakraam houdt 15 cm afstand tot muurranden, dakranden en andere dakramen.
Dakkapellen (lessenaars / zadel / schild)¶
Drie soorten dakkapellen in de dak-tab — lessenaarsdak-dakkapel, zadeldak-dakkapel, schilddak-dakkapel. Plaatsing met een klik op een hellend dakvlak (het klikpunt is het midden van de voorrand van de dakkapel).
| Waarde | Bereik |
|---|---|
| Raambreedte | 0,5–10,0 m |
| Raamhoogte | 0,5–8,0 m |
| Roeden verticaal / horizontaal | elk 0–15 |
- Dakhelling van de dakkapel: alleen bij de lessenaarsdak-dakkapel instelbaar, in stappen van 0,5°, hoogstens half zo steil als het hoofddak. Bij de zadel- en schilddak-dakkapel neemt de dakkapel automatisch de dakhelling over.
Verwante pagina's
Vaktermen als dakvoet, nok en gevelrand vind je in de Woordenlijst. Hoe het verdergaat, staat onder Export.